x

Nieuwsbrief augustus 2009


Geachte mevrouw/ heer, hierbij ontvangt u de nieuwsbrief van VOS  (index...) INTERIM. Met vriendelijke groet, Martin Vos

Nederlanders houden van vakantie  (index...)
Nederlanders zijn met een percentage van 30% dat minstens drie weken met vakantie gaat de meest reislustige Europeanen. Uit internationaal onderzoek van winkel- en vergelijkingssite Kelkoo onder 6.705 Europeanen blijkt de Nederlander daarmee ver boven de gemiddeld twee weken in andere landen te zitten. Slechts één op de elf Nederlanders geeft aan helemaal niet met vakantie te gaan, terwijl bijvoorbeeld één op de vier Duitsers en één op de vijf Britten aangeeft niet op reis te gaan. Nederlanders kijken relatief grondig naar de bestemming, terwijl Noren en Italianen vooral oog hebben voor de kosten. Voor 46% van de Nederlanders is het weer ter plekke een belangrijk criterium. Met 27% is de kampeervakantie nog altijd favoriet. Van de Duitsers en de Fransen kiest respectievelijk slechts 11 en 7% voor de camping. De kust is voor 40% van de Nederlanders de ideale plek, waarbij Italië, gevolgd door Spanje en Frankrijk favoriet is.

Rabobank staat weer bovenaan bij ‘Meest Favoriete Werkgevers’  (index...)
De Rabobank staat op een eerste positie op de Barometer van Meest Favoriete Werkgevers. Een half jaar geleden stond de bank ook al bovenaan. Op een tweede tot en met vijfde positie staan achtereenvolgens Shell, Philips, Politie en ING. Dit komt naar voren uit het onderzoek van Intelligence Group, die elke zes maanden de vraag stelt: Bij welke bedrijven/instellingen (uw huidige werkgever uitgezonderd) zou u het liefst willen werken? In de ranking is de economische crisis duidelijk voelbaar. Zo daalt Fortis van plaats 22 naar nummer 120. Bedrijven waar veel personeel wordt ontslagen, dalen ook in populariteit. Corus, DAF, Océ, ASML, Logica en Hewlett-Packard worden nauwelijks nog genoemd als favoriete werkgevers en komen in de top-50 niet meer voor. Sommige bedrijven lijken te profiteren van de crisis en van de verslechterde positie van hun arbeidsmarktconcurrenten. Siemens en ExxonMobil zijn flink populairder dan voorheen. Ook supermarktketen Jumbo stijgt, van positie 419 naar 39. Heineken daalt van 20 naar 43. Google daalt iets, van 17 naar 23. De Hema wordt nog populairder als werkgever en stijgt van 102 naar de 27ste positie.

13% Nederlandse beroepsbevolking verricht zwart werk  (index...)
Nederland staat binnen de Europese Unie op de derde plaats als het aankomt op het percentage zwartwerkers. Alleen in Denemarken en Letland wordt meer illegale arbeid verricht. In Nederland werkt 13% van de beroepsbevolking zwart, dat komt naar voren uit een rapport van het Europese agentschap voor de Verbetering van leef- en werkomstandigheden (Eurofound). Het onderzoek behelsde niet alleen de vraag hoeveel er werd zwart gewerkt, maar ook de beweegredenen. In de meeste gevallen was geldbesparing de reden. Er waren ook andere redenen: `In de noordelijke landen, zo bleek uit de antwoorden, schiet de formele economie met zijn lange wachttijden en bureaucratie tekort`, aldus het rapport. Zwart werken komt veel voor bij huishoudelijk- en oppaswerk. Maar ook in kapsalons en de bouw betalen beroepsbeoefenaars regelmatig geen belasting. Uit het onderzoek komen grote regionale verschillen naar voren. In het zuiden van Europa zijn relatief minder zwartwerkers. Het opsporen van zwart werk is belangrijk voor overheden omdat zij hierdoor veel inkomsten mislopen.

Beroep is voorspeller van langdurig verzuim  (index...)
Het beroep is een goede voorspeller van langdurig verzuim, zo blijkt uit een onderzoek van TNO Kwaliteit van Leven/Arbeid. De studie toont aan dat er duidelijke verschillen zijn tussen de diverse beroepen en het percentage werknemers met langdurig verzuim. Verzuim is van veel factoren afhankelijk. Dit zijn enerzijds persoonsgebonden factoren zoals leeftijd, geslacht en opleiding en anderzijds werkgerelateerde factoren zoals de sector, het dienstverband en bedrijfskenmerken en specifieke arbeidsrisico`s. Een onderbelichte factor is echter het beroep zelf. De aanpak van verzuim in Nederland is voornamelijk branche- en bedrijfsspecifiek. De studie van TNO identificeert elf risicoberoepsgroepen waar een hoger dan gemiddeld verzuim voorkomt. Gezamenlijk zijn deze risicoberoepen verantwoordelijk voor 23% van het langdurige verzuim. Dit is overigens een effect dat niet uitsluitend veroorzaakt lijkt te worden door verschillen in persoonskenmerken, kenmerken van het dienstverband en het bedrijf of blootstelling aan arbeidsrisico`s. De kans op langdurig verzuim is het hoogste bij het politiepersoneel, de brandweer en bewakingspersoneel, gevolgd door de bejaardenverzorgers, kinderverzorgers, gezinshulpen en alfahulpen zowel in de thuiszorg als in de overige sectoren.

Hoogopgeleiden prefereren in tijden van crisis vrouwelijke leider  (index...)
Normaliter hebben hoogopgeleiden een voorkeur voor mannelijke leiders, maar in tijden van crisis prefereren ze een vrouwelijke leider. Dat blijkt uit het Leiderschapsonderzoek van Intermediair. Aan respondenten werd gevraagd welke van de twee kandidaten ze zouden kiezen om een fictief softwarebedrijf uit het slop te trekken. Van de respondenten koost 83% de vrouwelijke kandidaat. Van hen wil 90% een leider die openstaat voor ideeën, en 78% wil dat de baas medewerkers laat meedenken over de koers van de onderneming. Deze eigenschappen worden over het algemeen vaker toegedicht aan vrouwen dan aan mannen. Respondenten zijn van mening dat vrouwen beter kunnen binden en samenwerken, en dat ze minder machtsbelust zijn. Leiders van een succesvol bedrijf moeten competitief en ambitieus zijn.

Positie van bedrijf in innovatienetwerk beïnvloedt financiële performance  (index...)
De positie van een bedrijf in een innovatienetwerk beïnvloedt het financiële succes van die onderneming. Dat blijkt uit het rapport `Samen excelleren in innovatie en efficiency` door ABN Amro. Menig bedrijf bevindt zich in een spagaat. Of ze richten zich op innovatie, of ze richten zich op efficiency, en beide zaken lijken niet met elkaar te verenigen. Vaak kiezen bedrijven voor de kortetermijnoplossing. Het effect van activiteiten gericht op productinnovatie is onzeker en lastig in te schatten, terwijl bij efficiencyverbeteringen de eindresultaten vrij snel te behalen zijn. De onderzoekers concluderen dat er geen verband is tussen de hoogte van r&d investeringen van bedrijven en hun financiële succes. Samenwerken met andere bedrijven in een innovatie netwerk houdt in dat ondernemingen niet het gehele r&d traject hoeven te verzorgen. Daardoor ontstaat ruimte om bedrijfsprocessen zoveel mogelijk te optimaliseren. In zo`n netwerk is het van belang dat bedrijven tegen elkaar aan zitten, want dat bevordert de kwaliteit van de uitgewisselde informatie. Ondernemingen die zich centraal in het netwerk bevinden hebben een grotere kans om relevante informatie op te vangen.

Nederlandse managers werken hard, zijn weinig ziek en leven gematigd  (index...)
De gemiddelde Nederlandse manager werkt hard, is weinig ziek en leeft gematigd, zo blijkt uit onderzoek van vakblad Management Team. Nederland telt ruim 1 miljoen leidinggevenden, waarvan 770.000 mannelijk en 280.000 vrouwelijk. Van hen geven 450.000 leiding aan vijf tot negen personen, 290.000 aan tien tot 19 personen en 310.000 aan minstens 20 personen. Zo`n 100.000 leidinggevenden zijn onder de 30 jaar en circa 350.000 zijn tussen de 40 en 50 jaar. Het grootste deel heeft een opleiding genoten op havo-, vwo- of hbo-niveau. Tegen de 190.000 managers hebben een academische titel op hun CV staan. De managers werken gemiddeld 49 uur per week. Vrouwelijke managers werken gemiddeld vijf uur per week minder dan mannelijke. Van de ondervraagde leidinggevenden is 73% nog nooit ontslagen. De meeste managers beschouwen zichzelf als coachende, mensgerichte leiders. Vergaderen is geen grote hobby van managers. Van hen noemt 61,7% het een noodzakelijk kwaad, en 5,6% vindt het zelfs verschrikkelijk. Zo`n 27% van de managers verdient minstens 8.000 euro bruto per maand. Circa 2% verdient minder dan 3.000 euro bruto per maand. Ongeveer twee derde vindt het maandsalaris voldoende. Iets meer dan een derde gaat jaarlijks driemaal op vakantie.

Online shopper is steeds vaker een vrouw  (index...)
Het aantal vrouwen dat online winkelt is toegenomen tot 51%. In 1998 was nog maar 10% van de online shoppers een vrouw. De laatste tien jaar is het aantal Nederlanders dat online winkelt verveertigvoudigd. De online consumentenbestedingen zijn ruim 700 keer harder gegroeid dan de totale detailhandel, aldus het bol.com onderzoek `10 jaar online winkelen in Nederland`, uitgevoerd door Blauw Research. Het aantal mensen dat meerdere malen per jaar online iets koopt is in tien jaar tijd toegenomen van 215.000 tot 8,3 miljoen. In 1998 kwam het aantal bestellingen gemiddeld uit op 1,8 stuks, tegen nu 5,3 stuks online per koper. De Nederlander besteedde in de tweede helft van vorig jaar 370 euro online, tegen 177 euro in de tweede helft van 1998. De internetontwikkelingen worden gekenmerkt door het feit dat men sinds 1998 veel meer tijd kwijt is op internet. 70% van de Nederlanders is momenteel ruim 6 uur per week online. 75% van de online shoppers is zelfs meer dan 16 uur wekelijks online, tegen 15% tien jaar geleden.

Twitter blijkt minder populair dan gedacht  (index...)
Internetgebruikers maken nauwelijks gebruik van het medium Twitter. Dat komt naar voren uit cijfers van het onderzoekbureau Tangram. Veel mensen hebben zich aangemeld voor Twitter, maar doen er vervolgens niks mee. Hyves geldt wel als de populairste netwerksite en wordt door meer dan de helft van de ondervraagde internetgebruikers bezocht. Wat Twitter betreft: zes van de tien internetgebruikers kent het, maar slechts 3% maakt er actief gebruik van. Slechts 2% is van plan met vrienden en kennissen te twitteren. Drie kwart van de internetgebruikers besteedt een paar keer per week tijd op een netwerksite. Slechts 21% vindt echter dat deze sites een positieve bijdrage leveren aan het sociaal leven. De meeste mensen nodigen op hun site alleen bekenden uit.

Ambtenaren vinden dat overheid veel duurzamer kan  (index...)
Bijna 80% van de Nederlandse ambtenaren vindt dat de eigen werkgever meer kan doen voor het milieu en aan het duurzaam inrichten van het werk. Dit blijkt uit een enquête van Binnenlands Bestuur. Slechts 7% van de ondervraagde ambtenaren is tevreden over de inspanningen van de overheid op dit gebied. De resultaten staan in schril contrast met het beeld dat de Nederlandse overheden graag van zichzelf schetsen: namelijk dat van een overheid die zich inzet voor een duurzame, milieu- en mensvriendelijke maatschappij. De ambtenaren vinden dat met name de interne bedrijfsvoering duurzamer kan. Meer dan 75% van de ondervraagden ergert zich aan de papierverspilling bij printen en kopiëren. Energiegebruik is een andere steen des aanstoots. Bijna 65% van de ambtenaren ergert zich aan de overbodige verlichting en verwarming van kantoren; zowel `s avonds als van werkruimte die niet gebruikt worden. Verder is zo`n 50% van mening dat de afvalinzameling en verwerking anders kan, bijvoorbeeld door afvalscheiding en hergebruik van grondstoffen. Een ruime meerderheid ten slotte denkt dat de overheid veel kan bereiken met het inkoopbeleid en dan vooral in de aanschaf van goederen voor de eigen organisatie en bij aanbestedingen en subsidie van allerlei diensten.

Stedelingen willen terug naar platteland  (index...)
Een derde van de stedelingen wil op termijn naar het platteland verhuizen. Dit blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Uit onderzoek komt naar voren dat plattelandbewoners gelukkiger zijn en zich veiliger voelen ten opzichte van stedelingen. Twintigers en dertigers trekken vaak naar de stad. Zeker voor alleenstaanden is de stad prettig vertoeven. Het duurt steeds langer alvorens men een partner vindt, dus blijven mensen langer in de stad wonen. Sinds het begin van de 21ste eeuw wonen meer mensen in de stad dan op het platteland. Toch is het platteland meer in trek. Momenteel woont 8% van de Nederlanders op het platteland en zou 33% daar wel willen wonen. 40% woont in een nieuwbouwwijk van dorp of stad, terwijl maar 19% hier de voorkeur aan geeft. 10% woont in de binnenstad. Jongeren die kiezen voor het platteland, voldoen wel aan de belangrijkste voorwaarde waaronder dat kan: ze zijn voor hun inkomen niet afhankelijk van de lokale of regionale economie en kunnen zich daardoor veroorloven om zich op het platteland te vestigen.

Kleine bedrijven maken vaker gebruik van social media marketing  (index...)
Steeds meer kleine bedrijven gebruiken sociale media voor hun marketingactiviteiten. Dat blijkt uit een onderzoek van AMI Partners, gesponsord door Sage Spark. Het aantal Amerikaanse en Canadese bedrijven dat sociale netwerken gebruikt stijgt elk jaar met 33 procent, waarbij het voornamelijk gaat om Facebook en Twitter. Analisten van onderzoeksbureau AMI Partners geven aan dat kleine bedrijven moeite hebben met het vinden van een balans tussen kosten verlagen en het behouden van klantrelaties zonder daarbij omzet te verliezen. Met beperkte financiële bronnen hebben kleine bedrijven meer problemen met het effectief marketen van producten en services. Waarom kleine bedrijven vaker sociale media gebruiken ligt volgens AMI Partners ook aan het feit dat de grens tussen privé en zakelijk gebruik van bijvoorbeeld blogs vervaagd. Het onderzoek laat zien dat kleine bedrijven hun traditionele marketing steeds vaker vervangen met de activiteiten in sociale media: bijna veertig procent van de kleine bedrijven spendeert minder tijd aan traditionele marketing. Die tijd zetten ze in voor blogs, sociale netwerken en online messaging. De redenen waarom kleine bedrijven aan de slag gaan met sociale media zijn onder te brengen in drie punten. Ten eerste zijn sociale netwerken vaak gratis of zijn de kosten zeer beperkt. Ten tweede is customer engagement voor kleine bedrijven erg belangrijk in het gebruik van sociale media. Als laatste denken kleine bedrijven dat ze het beeld van hun bedrijf kunnen verbeteren met behulp van deze media. Ze denken dat ze hierdoor innovatief en progressief overkomen. Tweederde van de respondenten zeggen minder problemen te hebben met het gebruik van digitale sociale media dan een jaar geleden. Het gebruik groeit daarom ook bij bedrijven die al langer gebruik maken van de media.

Werknemer drinkt vaak te veel op bedrijfsevenement  (index...)
Deelnemers aan bedrijfsevenementen gaan vaak met te veel alcohol op naar huis. Dat blijkt uit onderzoek van Stayokay Events, waaraan 489 opdrachtgevers uit allerlei branches hebben deelgenomen. Tot de respondenten behoren onder meer event managers, directeuren en zelfstandig ondernemers. 58% van de ondervraagde bedrijven organiseert minimaal twee keer per jaar een bedrijfsevenement. 71% van de respondenten drinkt dan alcohol, 60% drinkt zelfs meer dan het wettelijk toegestane aantal van twee glazen. 56% vindt dat een medewerker zelf verantwoordelijk is voor het eigen drankgebruik en 58% spreekt een collega erop aan als hij teveel heeft gedronken. Bij 73% van de bedrijfsevenementen heeft een werkgever geen maatregelen getroffen om het drankgebruik te beperken. Bij 63% is er na afloop van een evenement ook geen vervoer of overnachting geregeld. Bij een derde van de evenementen regelt een werkgever een touringcar, taxi of overnachting. Slechts 8% van de respondenten regelt zelf een BOB of gebruikt het openbaar vervoer. Een derde van de werknemers vindt het de verantwoordelijkheid van de werkgever om ervoor te zorgen dat zij veilig thuiskomen. Stayokay Events adviseert opdrachtgevers om aan een bedrijfsuitje, vergadering of themafeest een overnachting te koppelen.

Consument vertrouwt aanbevelingen van kennissen en online meningen  (index...)
Aanbevelingen van kennissen en online meningen van consumenten over een product of dienst worden door consumenten wereldwijd beschouwd als de betrouwbaarste vorm van reclame. Dat blijkt uit een peiling van onderzoeksbureau Nielsen bij meer dan 25.000 internetgebruikers in 50 landen. In de meest recente Nielsen Global Online Consumer Survey (2009) zegt 90% van de respondenten dat ze aanbevelingen van mensen die ze kennen vertrouwen, dat is 12% meer dan in 2007. 70% hecht ook waarde aan de meningen die consumenten online plaatsen, dat is 10% meer dan twee jaar geleden. Goed nieuws is er ook voor adverteerders: 70% van de deelnemers aan de peiling zegt dat ze websites van merken vertrouwen. Dat is meer dan het vertrouwen dat ze hebben in artikels die ze online vinden (69%), wat ze op televisie zien (62%) of in de krant lezen (61%). Onderaan de lijst van betrouwbare advertentiebronnen staan tekstadvertenties die via de gsm worden verstuurd (24%), online banners (33%) en video advertenties (37%).

Winkeliers moeten niet vrezen voor restrictief parkeerbeleid  (index...)
Winkeliers hoeven niet te vrezen dat restrictief parkeerbeleid nadelig is voor hun omzet. In de detailhandel en parkeerwereld wordt ten onrechte gedacht dat een ruim aanbod aan betaalbare parkeerplaatsen essentieel is voor de toestroom van consumenten. Diverse onderzoeken leveren een genuanceerder beeld op. In de wetenschappelijke literatuur bestaat geen unanimiteit over de relatie tussen winkelomzetten en vervoerwijzen. Uit Nederlandse en Europese onderzoeken blijkt dat de bestedingen per bezoek met de auto weliswaar hoger liggen, maar dat fietsers een hogere bezoekfrequentie hanteren. Winkelgebieden met een groot aantal parkeerplekken presteren uitgedrukt in omzet per m2 verkoopvloer niet beter dan winkelgebieden met een lager aantal parkeerplekken. In de maanden juni en juli van 2007 werd aan 618 klanten van de supermarkt C1000 een enquête voorgelegd. Van hen bezocht 38,4% de winkel via de auto, 30,6% op de fiets, 29,7% te voet en 1,3% via het openbaar vervoer. Circa de helft van de bezoekers woonde op minder dan één km afstand van de supermarkt. De gemiddelde uitgaven per persoon per week bedroegen 43,29 euro bij automobilisten, 41,99 euro bij fietsers en 42,89 euro bij voetgangers.

Websites bedrijven bevatten te weinig informatie over strategie  (index...)
Websites van beursgenoteerde ondernemingen bevatten weinig informatie over de bedrijfsstrategie, zo blijkt uit tussentijds onderzoek van internetonderzoeksbureau Jungle Minds. Sinds enkele jaren wordt ook de informatie op de websites van de bedrijven meegewogen. Jungle Minds analyseerde onder andere of de websites van de ondernemingen informatie bevatten over de kernactiviteiten, strategie en doelstellingen, organisatiestructuur en het management van het bedrijf. Op dat punt scoren de sites scoren lager dan in 2008. Er zijn echter ook verbeteringen waar te nemen. Steeds meer bedrijven kiezen er bijvoorbeeld voor om hun jaarverslag in de vorm van een speciale website op het internet te plaatsen. Ook bieden steeds meer ondernemingen informatie over hun aandelen aan.

(c) 23 februari 2020 Vos Interim