x

Nieuwsbrief december 2010


Beste mevrouw/heer, ik wens u fijne feestdagen toe en een gezond & ondernemend 2011! Met vriendelijke groet, Martin Vos.

Social media goed voor loopbaan  (index...)
Social media zijn goed voor je carrière, zo blijkt uit een onderzoek van vijf medewerkers van de universiteit van Maastricht. Zij wilden weten of je bij het vinden van een baan profijt hebt van online vrienden en concluderen dat hoe hoger het aantal contacten, hoe vaker je geattendeerd wordt op vacatures. Opmerkelijk is dat je meer hebt aan de vage kennissen dan aan innige vrienden. De theorie hierachter heet 'the strength of weak ties' en is in 1973 bedacht door Mark Granovetter van de universiteit van Stanford. Zijn boek hierover is zeer ingewikkeld, zeker voor die tijd zonder internet, maar kort samengevat luidt de conclusie dat ook in een losvast-netwerk meer kennis zit dan je denkt. De onderzoekers benadrukken overigens dat als je werk via social media zoekt, je moet stoppen met Facebook of Hyves. Werk vinden gaat via meer serieuze kanalen als LinkedIn, waar mensen zich van hun professionele kant tonen.

Jongeren bouwen een eigen geloof  (index...)
Jongeren hanteren een eigen geloof. Volgens de samensteller van het 'Handboek jongeren en religie' van de Faculteit Katholieke Theologie van de Universiteit van Tilburg. In het handboek worden jongeren in groepen ingedeeld op basis van religie en overtuiging. Volgens het boek ontleent maar 15 tot 20% van de jongeren identiteit aan religie. De overige 80% is voor de leiders van kerken en moskeeën dan ook vaak buiten bereik. Er worden vier groepen jongeren onderscheiden. De Fortissimo's zijn de jongeren die nog trouw aan hun geloof zijn. De Legato's hebben van huis uit wel iets met religie, maar zijn alleen met bruiloften, doopsels en Kerst bezig met het geloof. De Spirituoso's zijn er meer van overtuigd dat God in jezelf zit en weven religies in elkaar. Tot slot zijn er de Tranquillo's, jongeren die weinig tot niets met religie hebben. Alle groepen hebben echter gemeen dat ze op zoek zijn naar persoonlijke keuzevrijheid. Juist dat maakt het voor de geloofsgemeenschappen moeilijk de jongeren te binden. De enige optie om contact te maken is door naar de jongeren te gaan, bijvoorbeeld met Twitter of Facebook.

Ideeën medewerkers amper in organisaties gebruikt  (index...)
Effectory, Nederlands marktleider in medewerkersonderzoek, signaleert dat ideeën van medewerkers nauwelijks gebruikt worden bij belangrijke beslissingen in organisaties. De stelling ‘Ik word betrokken bij belangrijke beslissingen binnen mijn organisatie’ is in 2010 gemiddeld met een 4,6 beoordeeld door ruim 300.000 respondenten. Een diepe onvoldoende. In 2005 werd nog een 5,2 voor deze stelling gegeven. Het cijfer neemt elk jaar geleidelijk af. Het betrekken van medewerkers bij beleidsvoering wordt sociale innovatie genoemd. Een organisatie die sociale innovatie toepast, maakt actief gebruik van de ideeën van de medewerkers om de eigen organisatie te verbeteren en te innoveren. Juist in tijden van crisis is de noodzaak voor sociale innovatie volop aanwezig. Voor ieder bedrijf is het belangrijk om met zo min mogelijk middelen zo goed mogelijk te presteren. Ideeën die medewerkers aandragen, zijn vaak slimme manieren om beter en handiger te kunnen werken. Want wie weten er nu beter wat er aan de hand is in de organisatie en wat er moet verbeteren dan de eigen medewerkers? Ook bij problemen zijn oplossingen vaak gewoon in de organisatie aanwezig. De truc is om ze boven tafel te krijgen. Het is zonde dat organisaties de afgelopen jaren steeds minder gebruik maken van hun eigen innovatiekracht. Juist deze sociale innovatie kan op dit moment hét grote verschil maken. Opvallend is dat medewerkers uit het zuiden van het land de stelling ‘Ik word betrokken bij belangrijke beslissingen binnen mijn organisatie’ lager dan gemiddeld beoordelen, namelijk met een 4,3. De Randstad scoort aanzienlijk beter op het gebied van sociale innovatie, hier wordt een 5,7 gegeven. Een saillant detail is dat de Beste Werkgevers van Nederland voornamelijk in de Randstad gevestigd zijn. Uit het Beste Werkgevers onderzoek onder 190.000 medewerkers blijkt dat de Beste Werkgevers sociale innovatie verankerd hebben in hun organisatie. Zo vertelt Ben Tax, directeur van Rijk Zwaan (Beste Werkgever in de categorie <1000 medewerkers): “De medewerkers zien ons bedrijf ook echt als hun bedrijf. Als onze medewerkers goede ideeën hebben voor onze organisatie, dan hoor ik ze graag.” Ook Ad van Beek, HR directeur van Movares (Beste Werkgever in de categorie >1000 medewerkers), onderkent dit: “Wij denken volgens het principe ‘jouw succes is mijn succes’. Sociale innovatie hoort daarbij. De professionals die bij ons werken, moet je niet te strak willen aansturen, die pakken hun eigen verantwoordelijkheid.”
Wat betreft betrokkenheid bij belangrijke beslissingen is verder een duidelijke piek zichtbaar bij managementfuncties. De stelling scoort bij deze groep gemiddeld een 7,3, bijna drie punten hoger dan het landelijk gemiddelde. Managers zijn zelf natuurlijk vaak direct betrokken bij beleidsbeslissingen. Maar wat we vaak constateren is dat zij zich nog niet voldoende realiseren wat het betrekken van de medewerkers bij beleidsvorming voor meerwaarde kan opleveren. Zonde natuurlijk. Eigenlijk werkt sociale innovatie heel simpel. Het geheim zit in omgekeerd managen. Het management biedt doelstellingen en kaders aan de medewerkers, die vervolgens gestimuleerd worden om zelf met ideeën of verbeteringen te komen. Dat zijn ook vaak de beste en voordeligste oplossingen.

Man doet weinig in huis  (index...)
Het overgrote deel van de huishoudelijke taken wordt nog steeds door de vrouw gedaan. Maar slechts 16% van de vrouwen is daar ontevreden over. Dit blijkt uit het onderzoek 'Het Fijne van Vrouwen' dat in opdracht van Sanoma Uitgevers is uitgevoerd door onderzoeksbureau TNS Nipo. Zorgzaam, zo ziet de Nederlandse vrouw zichzelf vooral. Die eigenschap past het meest bij mij, zegt 50%, gevolgd door betrouwbaar (49%) en eerlijk (47%). In vergelijking met 2005 - in 2000 en 2005 is het onderzoek ook gehouden - is ze minder spontaan en sociaal geworden en juist meer zorgzaam en betrouwbaar. De Nederlandse vrouw legt de focus nu meer op haar eigen omgeving in plaats van op de buitenwereld. Wat het huishouden betreft is er weinig of niets veranderd. Dat wordt nog altijd vooral door de vrouw gedaan. Taken die zij meestal of altijd doet zijn boodschappen doen, koken, wassen, strijken, opruimen, schoonmaken, kinderen en huisdieren verzorgen. En wat nog het meest opmerkelijk is vrijwel alle taken worden nog net zo vaak door haar gedaan als in 2005. Dit geldt voor alle vrouwen, ook voor hoger opgeleide en de fulltime werkende vrouwen. Wat doen de mannen dan? Net als in 2005 zijn dat de volgende zaken zoals vuilnis buiten zetten, kleine huishoudelijke klussen, vaatwasser uitruimen, de financiën en de tuin. Meer niet, meestal. Maar zijn vrouwen daar ontevreden over? Nee, eigenlijk niet. En ook dit geldt voor alle vrouwen. Het kan wel beter, maar slechts 16% geeft aan er echt niet tevreden over te zijn. In het onderzoek ‘Het Fijne van Vrouwen’ wordt de Nederlandse vrouw breed in kaart gebracht. Hoe ziet ze zichzelf, hoe zou ze willen zijn? Wat vindt ze onmisbaar in het leven, waar geniet ze van? Welke rollen vervult ze, wat is haar levensstijl? Wat is haar behoefte op het gebied van uiterlijke verzorging, mode, woninginrichting, reizen, gezondheid en food? De resultaten van het onderzoek zijn vergelijkbaar met resultaten van onderzoeken uit 2005 en 2000.

Stress op werkvloer blijft groot taboe  (index...)
Een groot aantal werknemers voelt zich gedwongen om tegen hun leidinggevenden te liegen wanneer ze omwille van de stress gedwongen zijn om ziekteverlof te nemen. Dat blijkt uit een onderzoek van de Britse organisatie Mind, die zich inzet voor het verbeteren van de mentale gezondheid van de bevolking. De onderzoekers merken daarbij op dat spanning op de werkvloer één van de grote taboes blijkt te zijn in de arbeidsverhoudingen. Eén op de vijf ondervraagden geeft toe zich al eens ziek gevoeld te hebben door de overdreven spanning op het werk. Het blijkt echter dat 93 procent van de betrokkenen aan zijn werkgever niet de werkelijke reden van die afwezigheid opgeeft. Toch zou 70 procent de stress-problematiek op de werkvloer bespreekbaar willen maken. De onderzoekers merken op dat het taboe een sneeuwbaleffect kan hebben en kan leiden tot het afnemen van het enthousiasme en een toename van het ziekteverlof.

E-mail blijft belangrijke stressfactor op werkvloer  (index...)
De stormvloed aan e-mails blijft in belangrijke mate bijdragen tot de stress op de werkvloer. Uit een onderzoek van het computerbedrijf IBM blijkt dat 45 procent van de managers toegeeft, dat de grote toevloed aan irrelevante e-mails in zijn inbox bijdraagt tot een verhoogd stressniveau. Voor 7 procent van de ondervraagden, is die overladen inbox zelfs een bijzonder zware stressfactor. Daarnaast geeft ook de helft van de respondenten toe dat onbeantwoorde e-mails eveneens bijdragen tot de werkstress. Ook zegt 48 procent constant op allerlei e-mails te moeten antwoorden. In bedrijven met meer dan vijfhonderd werknemers stijgt dat tot 54 procent. De onderzoekers merken op, dat nagenoeg alle respondenten van mening zijn dat e-mail het belangrijkste samenwerkingsinstrument is op de werkvloer, maar vaak op een verkeerde of overdreven manier wordt gehanteerd. Ook nu nog geeft driekwart van de respondenten toe bij vergissing een e-mail te hebben verzonden naar een verkeerde persoon en nagenoeg de helft betrapt zich geregeld nog altijd op het verkeerd gebruik van reply-to-all. Daarnaast geeft 59 procent van de managers toe tevergeefs een e-mail te hebben proberen terug te roepen en 49 procent zegt in een e-mail iets geschreven te hebben waarvan hij later spijt had. De onderzoekers voegen er aan toe dat werknemers dan ook naar alternatieve manieren zoeken om productiever te kunnen werken en de werkstress te verlichten in plaats van te verzwaren. Er wordt daarbij opgemerkt dat bedrijven echter nog altijd te weinig investeren in professionele sociale netwerken, die een antwoord zouden kunnen bieden op de communicatieproblemen.

Twee derde van Nederlands ziet nieuwe werken niet zitten  (index...)
Meer dan twee derde (68%) van de Nederlanders ziet het nieuwe werken niet zitten. Dat blijkt uit het Nationale Werkplekonderzoek. Via het nieuwe werken kunnen werknemers tijd- en plaatsonafhankelijk werken. Het blijkt echter dat de meerderheid van de Nederlanders liever een vaste werkplek heeft. Newnews.nl, menen dat het nieuwe werken ons door de strot wordt geduwd. Ze vrezen dat veel omgevingen binnen een organisatie op een soort koeienstal gaan lijken, waar alles ten dienste staat van de efficiëntie en verhoging van de arbeidsproductiviteit. Werknemers verlangen volgens hen juist naar rust, geborgenheid en verbondenheid. Stichting Natuur en Milieu heeft de campagne 'Het nieuwe werken doe je zelf' gelanceerd. De stichting verwacht dat het fenomeen helpt om files en CO2-uitstoot te verminderen. Topman van Microsoft Nederland, stelt dat het nieuwe werken leidt tot meer efficiency, minder reiskosten, minder ziekteverzuim en meer medewerker tevredenheid. Bedrijven kunnen bezuinigen op werkplekken. Een reductie van 40% is mogelijk en dat is lucratief, gezien de gemiddelde kosten per werkplek van 14.000 euro per jaar.

Managers overschatten steevast hun kwaliteiten  (index...)
Managers overschatten stelselmatig hun vaardigheden en kennen ook nauwelijks twijfels. Dit blijkt uit een onderzoek van Development Dimensions International. Het adviesbureau ondervroeg 1.100 Amerikaanse 'frontline managers'. Van de respondenten liet 72% weten nooit hun leiderschapskwaliteiten in twijfel te trekken. Verder zijn ze niet bereid zwakke punten te erkennen. Het onderzoek laat verder zien dat bij geen van de ondervraagde managers tot dan toe verborgen talenten te ontdekken waren.

Bore-out heeft dezelfde symptomen als burn-out  (index...)
Iemand die zich lusteloos, gedeprimeerd en snel geïrriteerd voelt en het op zijn werk niet meer naar zijn zin heeft, hoeft niet aan een burn-out te lijden. De kans is groot dat van een bore-out sprake is. Volgens het Nederlands Psychologen en Coaching Bureau wordt bore-out omschreven als een vervelingsziekte met dezelfde symptomen als een burn-out. De burn-out is echter gerelateerd aan het gedrag, terwijl bij een bore-out de omgeving de stress veroorzaakt. Het kan voorkomen bij mensen die zich op hun werk vervelen en/of vaak langdurig onder hun kunnen werken. Bijvoorbeeld mensen die in een grote overheidsorganisatie werken en weinig te doen hebben, zoals bij de douane. Een douanier met weinig werk is een potentiële kandidaat. Maar doordat de verschijnselen dezelfde zijn als bij een burn-out kan er verwarring ontstaan. Daarom is er in de meeste gevallen een psycholoog nodig om de juiste diagnose te stellen. Een bore-out is makkelijker te behandelen dan een burn-out, omdat in samenspraak met de werkgever de oorzaken kunnen worden weggenomen. Meer werk of het veranderen van (werk)patronen is vaak de beste therapie, maar dat moet wel geleidelijk gebeuren. De patiënt moet niet ineens overbelast worden. Wat heel belangrijk is, de werknemer moet zijn gevoel van eigenwaarde weer terugkrijgen.

Management grootste barrière implementatie Het Nieuwe Werken  (index...)
Management en leiderschap zijn de grootste struikelblokken om Het Nieuwe Werken te implementeren. Ook organisatiecultuur speelt een beperkende rol. Dat blijkt uit een paneldiscussie onder HR- en Facility-managers, georganiseerd door een specialist in de werkomgeving Steelcase. Management en leiderschap werden het meest (34%) genoemd als grootste oorzaak waarom Het Nieuwe Werken nog niet geïmplementeerd is in de organisatie, net als organisatiecultuur (31%). IT werd hierbij opvallend weinig als oorzaak genoemd (2%). Ook nadat de deelnemers meer informatie hadden ontvangen over Het Nieuwe Werken bleven management en leiderschap de grootste obstakels voor de implementatie van Het Nieuwe Werken. Het percentage steeg zelfs van 34 naar 46 procent. Leiderschap en cultuur lijken onlosmakelijk met elkaar verbonden en vertrouwen heeft hiermee te maken. Op de vraag wat vertrouwen in relatie tot Het Nieuwe Werken voor de HR- en Facility managers betekent, is loslaten en vrijheid het meest genoemde antwoord.
91 procent van de deelnemers bevestigt dat Het Nieuwe Werken wil zeggen: mensen in staat stellen het werk te doen hoe, waar, wanneer en met wie ze dat willen. Praktisch de helft van de deelnemers gaf aan dat ze flexibele tijden hebben om naar kantoor te komen, een derde werkt op vaste tijden en slecht 7 procent wordt op resultaat gestuurd en niet op werkuren. Wordt de deelnemers gevraagd zelf te bepalen waar en wanneer ze werken, dan zijn de redenen om toch naar kantoor te komen. Redenen om naar kantoor te komen zijn o.a. ontmoeten van collega's, verschillende sociale contacten en je onderdeel voelen van de organisatie. Ook de zachte kanten van het Nieuwe Werken zoals cultuur, management en leiderschap worden vaak genoemd als een steeds belangrijkere succesfactor.

Consument veel minder loyaal door internet  (index...)
Consumenten zijn stukken minder loyaal aan merken sinds de komst van het internet. Dat blijkt uit een enquête van Forrester Research onder Britse shoppers. Zestig procent van de ondervraagden start online naar het zoeken van een product, zonder een merk in gedachten te hebben. Circa 86 procent gebruikt vervolgens beoordelingen en cijfers van andere consumenten om een product te kiezen, in plaats van de boodschap van de merken. Consumenten hebben geleerd om de meeste informatie op websites te negeren, maar er zijn een aantal middelen die wel impact hebben. De aanbevelingen van anderen vormen de basis waarop consumenten kiezen. Bedrijven zouden daarom niet bang moeten zijn om ook negatieve beoordelingen op hun site te zetten. Consumenten schrijven die reacties toch wel, dus je kunt als bedrijf maar beter aan het verhaal meedoen. Uit het onderzoek blijkt ook dat ruim 44 procent van de Britse consumenten eerst online alle mogelijkheden bekijkt, voordat hij of zij de winkel in gaat om een product daadwerkelijk te kopen. 42 procent gebruikt zijn mobiele telefoon tijdens het winkelen en zestien procent hiervan gebruikt deze om de prijzen te vergelijken met andere winkels.

Relatiemagazine heeft invloed op verkoop publieksblad  (index...)
Relatiemagazines hebben invloed op de verkopen van publieksbladen. Dat blijkt uit onderzoek van MediaTest. Het onderzoek werd uitgevoerd onder ruim 300 Nederlanders in de leeftijd van 20 tot en met 65 jaar. Van de respondenten zegt een derde minder publieksbladen te kopen omdat ze al één of meer relatiemagazines ontvangen. Daarmee is de gratis verspreiding van relatiemagazines een directe bedreiging geworden voor de traditionele publieksbladen. De tendens is zichtbaar bij mannen en vrouwen. Van de vrouwen zegt 25% minder publieksbladen te kopen door de verspreiding van de relatiemagazines. Bij de mannen is dit bijna 40%. Dit heeft te maken met het feit dat mannen minder vaak tijdschriften lezen. Opvallend is dat hoe ouder mensen zijn, hoe meer zij kiezen voor een relatiemagazine in plaats van een publiekstijdschrift. 44% van de mensen heeft geen voorkeur voor een relatieblad of een publiekstijdschrift. Wel vindt 78% van de respondenten het relatiemagazine een leuke manier om informatie van een organisatie te krijgen. Dat de relatiebladen meer in trek zijn komt onder meer omdat ze steeds professioneler opgezet worden en er ook steeds meer titels zijn.

Gedrag speelt rol bij ongevallen met machines  (index...)
Het menselijke gedrag speelt een belangrijke rol bij ongevallen met machines. Dat blijkt uit onderzoek van het RIVM. Er zijn in totaal drie factoren die meespelen bij ongevallen. Naast de bedrijfssector of -tak waarin de werknemers actief zijn en de leeftijd, het opleidingsniveau van de werknemer is het menselijke gedrag van invloed. Uit informatie van de Arbeidsinspectie blijkt onder meer dat het veiligheidsbewustzijn en de veiligheidscultuur vaak nog te kort schiet. Voor machinebouwers maakt dit het erg lastig om machines veilig te maken. Het zijn immers ook vaak de werknemers die hun werkplek onvoldoende veiligstellen of machines op een verkeerde manier gebruiken met alle gevolgen van dien. Toch zijn het meestal de machinebouwers die verplicht worden een veilige machine te bouwen. Zij moeten in hun gebruiksaanwijzing rekening houden met gedrag dat niet hoort bij de machine maar wel bij de mens. Dat betekent dat zij handelingen vooraf moeten bedenken die het resultaat kunnen zijn van gemakkelijk voorspelbaar menselijk gedrag. De bouwer moet dan een machine ontwerpen waarbij manipulatie geen voordeel biedt. Dit zal de prikkel om niet veilig te handelen ontnemen bij de werknemer.

Nederlanders hebben het vaak te druk  (index...)
Meer dan de helft van de Nederlanders tussen de 25 en 60 jaar zegt het regelmatig te druk te hebben. Van de vrouwen heeft 60% regelmatig te veel te doen. Van de mannen is dit 52%, zo blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Hoe meer uren men werkt, hoe groter de stressgevoelens en de tijdsdruk. Van de vrouwen voelt bijna een derde zich een of meerdere keren per week in het dagelijks leven gejaagd. Van de mannen voelt ruim 20% wel eens stress door tijdsdruk. Ook hebben mannen en vrouwen het gevoel tekort te schieten op het werk. Een aantal mogelijkheden kan de stress van het drukke bestaan verminderen. Bijvoorbeeld schooltijden die beter aansluiten bij het werk, ruimere winkeltijden of flexibel werken. Ruim 40% denkt dat de balans tussen werk en privé beter wordt, wanneer de werktijden beter op het gezinsleven worden afgestemd. Uit onderzoek van TNS Nipo is al eerder gebleken dat bij ruim de helft van de werkenden de mogelijkheden tot flexibel werken een doorslaggevende voorwaarde kan zijn bij het zoeken naar een nieuwe baan. Het kabinet is van plan het flexibel werken te bevorderen. De regels over werkomstandigheden en arbeidstijden worden nader bekeken en belemmeringen voor flexibel werken dienen te worden weggewerkt.

Manager wil vaak Duitse auto  (index...)
Managers van bedrijven willen vaak een Duitse auto van de zaak. Dat blijkt uit onderzoek van Management Team. De merken Audi en BMW zijn veruit favoriet onder de managers. Bij de eerste 'Zakenauto van het jaar'-verkiezing van Management Team bleek de BMW-5-serie als droomauto uit de bus te komen. Hoewel 5,3% nu in een Volkswagen Passat rijdt, de auto die daarmee aan de top staat van meest gereden zakenauto's, is de BMW-5-serie met 7,4% bij de meesten de droomauto. Daarna volgen in slagvolgorde van droomauto's de Audi A6 (5,9%), Audi A5 (5,5%) en de Audi A4 (4,7%). Op de Volvo XC60, de Volvo V70 en de Jaguar XF na bestaat de top-10 voor droomauto's verder volledig uit Duitse merken. De BMW-3-serie staat op de 7e plaats met een 2,9%-score. De Audi Q7 is 8e en gewenst door 2,8% en de Volkswagen Passat is bij 2,5% de droomauto op de 10e plaats. Hoewel BMW de lijst aanvoert bij droomauto's scoort Audi overal gezien beter. Van alle 40 mogelijk te kiezen merken koos 24% voor een Audi als toekomstige (gewenste) auto. Van de Duitse merken is Opel het minst in trek. 6% van de managers rijdt momenteel in een Opel, maar slechts 1% zou opnieuw voor Opel kiezen bij een nieuwe keuze.

Succes is ook kwestie van geluk  (index...)
Succes is niet alleen een kwestie van iemands karaktereigenschappen, maar ook van geluk. Uit een enquête van Intermediair blijkt dat van de 53 mensen, maar 10 mensen niet geloven in geluk, maar louter in de eigen verdienste, maar dat 19 mensen zichzelf een uitgesproken geluksvogel vonden en dat nog eens 16 een gouden kans hebben gekregen en gegrepen. Hoewel uit verschillende studies blijkt dat mensen met hogere cijfers op school eerder een baan hebben dan mensen met lage cijfers, vormen hoge cijfers geen garantie voor een goede baan. Er is wel een duidelijk onderscheid tussen succes op school en succes op werk. Consciëntieus gedrag en integriteit zijn bijvoorbeeld belangrijk voor academisch succes, maar ook voor een succesvolle loopbaan. Echter, om succesvol te zijn op de werkvoer tellen ook eigenschappen als assertiviteit en profileringsdrang mee. Niet alleen denkkracht, maar ook daadkracht en motivatie maken iemand tot een talent. Iemands motivatie weegt zelfs zwaarder mee bij carrière succes dan iemands opleiding. Volgens hoogleraar talentmanagement Lidewey van der Sluis is talent voor hoogstens 10% verantwoordelijk voor succes, en wordt 70% verklaard door motivatie en ambitie.

RvC-verslag biedt te weinig inzicht in toezicht  (index...)
Het verslag van de Raad van Commissarissen (RvC) biedt te weinig inzicht in de manier waarop de raad zijn toezicht uitoefent. Ondanks dat de Nederlandse Corporate Governance Code ten aanzien van het RvC-verslag dat eist, zo blijkt uit een onderzoek van de Erasmus Universiteit Rotterdam naar verslagen van diverse RvC-verslagen van 60 vennootschappen. Blijkens de studie schiet naleving van zowel de directe als de indirecte eisen tekort. De meeste RvC-verslagen bevatten niet meer dan een opsomming van feitelijke gebeurtenissen zonder hier een mening aan te verbinden. Er wordt niet voldaan aan de in de code vastgelegde eis dat het RvC-verslag inzicht geeft in de wijze waarop op onderdelen toezicht is gehouden, bijvoorbeeld door aan te geven welke kwesties er spelen en hoe hierop is toegezien. Blijkens de studie staat de inhoud van het RvC-verslag niet eenduidig vast. Er is enerzijds verschil in diepgang en informatiewaarde, anderzijds is niet alle informatie op een plaats geconcentreerd, informatie die men in een RvC-verslag verwacht, worden ook elders aangetroffen. Ondernemingen wordt dan ook aanbevolen om informatie die een getrouw beeld geeft over het toezicht gedurende het jaar te allen tijde op te nemen in het RvC-verslag.

Vage klachten vormen groot probleem op arbeidsmarkt  (index...)
Vage klachten vormen een groot probleem op de arbeidsmarkt. Dat blijkt uit een promotie-onderzoek van bedrijfsarts Rob Hoedeman in samenwerking met ArboNed en Achmea. Zijn onderzoek toonde aan dat maar liefst 15% van de werknemers die langdurig verzuimen dit doet als gevolg van onverklaarbare lichamelijke klachten. Het langdurige verzuim betreft dan afwezigheid op het werk voor meer dan 78 dagen. Het onderzoek werd vijf jaar geleden opgestart in samenwerking met ArboNed en Achmea. Voor het onderzoek bezocht de onderzoeker diverse praktijken en ondervroeg mensen op basis van enquêtes, waarna hij doorvroeg naar de problemen van die mensen. Hieruit kwam een percentage met werknemers die met vage klachten kampten. Naast een verzuimpercentage van 15% door werknemers met vage klachten, was er ook nog een groep van 40% die in mindere mate te maken had met vage klachten. Dat mensen met vage klachten vaak lang thuis zitten is volgens het onderzoek helemaal niet nodig. Volgens het onderzoek is het begrijpelijk dat de bedrijfsarts en werkgever hiertoe besluiten, omdat ze meer hebben aan een gezonde werknemer. Maar voor de werknemer is het beter weer snel aan de slag te gaan. Door meer te oriënteren op een terugkeer naar het werk in plaats van op ziekte, zal de werknemer richting het 'beter worden' gestimuleerd kunnen worden.

(c) 23 februari 2020 Vos Interim