x

Nieuwsbrief februari 2012


Beste mevrouw/heer, hierbij ontvangt u de maandelijkse nieuwsbrief van VOS INTERIM voorzien van nieuws- en onderzoeksberichten voor leidinggevenden en HR medewerkers. Wilt u ook uw collega's aanmelden voor de nieuwsbrief? Aanmelden voor de nieuwsbrief kan via info@vosinterim.nl
Met vriendelijke groet, Martin Vos.

Europese werksfeer laat veel te wensen over  (index...)
Slechts één op de vijf Europese werknemers vindt de sfeer in het bedrijf goed en motiverend. Dit blijkt uit een internationaal onderzoek van StepStone dat onder 8.000 deelnemers is gehouden. Van de Europese werknemers zegt maar 21 procent tevreden te zijn met de werksfeer. Daarentegen zegt 42 procent van de respondenten dat de werksfeer in hun bedrijf slecht is en hen teleur stelt. De rest van de werknemers verklaart over het algemeen tevreden te zijn met de werksfeer, al zijn er wel een aantal slechte aspecten. Ook Nederlanders zijn over het algemeen ontevreden over hun werksfeer. Hier zegt 33 procent een slechte en teleurstellende werksfeer te hebben. Maar 26 procent van de Nederlandse werknemers is tevreden met de werksfeer binnen hun bedrijf en zegt dat de sfeer motiveert. De rest van de respondenten verklaart dat ze ondanks een aantal negatieve aspecten wel tevreden zijn. "De resultaten van dit onderzoek zijn verrassend. Vooral omdat uit eerder onderzoek is gebleken dat Nederlanders gepassioneerd zijn door hun werk. Het verbaast mij dat Nederlanders van hun werk houden, maar de werksfeer niet prettig vinden. Blijkbaar heeft dit geen effect op elkaar," zegt de directeur van StepStone. Het onderzoek laat verder nog veel verschillen zien tussen de Europese landen. De werknemers in Duitsland, Oostenrijk en Denemarken zijn het meest ontevreden met de werksfeer. In Duitsland zegt bijna één op de twee niet gelukkig te zijn met de werksfeer. Een hoog resultaat, helemaal in vergelijking met Noorwegen. Hier verklaart slechts negentien procent niet gelukkig te zijn met de werksfeer. Een ander land waar de werknemers erg gelukkig zijn met de relatie met zijn of haar collega’s, is Frankrijk. Één op de drie Franse werknemers zegt tevreden te zijn over de werksfeer. Slechts 24 procent van de Franse werknemers is ontevreden over de werksfeer binnen het bedrijf.

Nederlanders massaal op koopjesjacht onder werktijd  (index...)
Onderzoek van mydealpage.nl onthult dat Nederlanders massaal onder werktijd speuren naar aanbiedingen op 'daily deal sites' zoals Groupon, LivingSocial en Groupdeal. Maar liefst 82 procent van de koopjesjagers bekijkt de (aanbiedingen)sites op doordeweekse dagen tussen negen en vijf. Met name donderdag blijkt een populaire dag om op zoek te gaan naar een leuke deal. Directeur van MyDealPage: "Wij waren bijzonder verbaasd toen we de resultaten zagen. We hadden verwacht dat mensen juist 's avonds of in het weekend op zoek zouden gaan naar speciale aanbiedingen en leuke activiteiten. Vooral de enorme terugkerende piek op donderdag verraste ons. Kennelijk zijn veel mensen juist op donderdagmiddag op zoek naar wat afleiding en speuren dan op korting sites naar een koopje." Het aantal korting sites dat valt te bezoeken is de afgelopen jaren wereldwijd explosief gegroeid. In de Verenigde Staten is het aantal korting sites in enkele jaren gestegen van 120 naar 520. Ook in Nederland is het aantal aanbieders sterk gegroeid. In Nederland zijn korting sites nog relatief nieuw. De gemiddelde Nederlander kent er waarschijnlijk maar één of twee. Het aanbod is echter vele malen groter. In Nederland verzamelen wij per dag ongeveer 180 aanbiedingen van 47 verschillende aanbieders, daar komen bijna dagelijks nieuwe partijen bij. Werkgevers hoeven zich trouwens niet al teveel zorgen te maken, want gemiddeld spenderen bezoekers slechts een paar minuten aan het zoeken naar een koopje. Dat is ook logisch want de meeste mensen kennen maar een paar korting sites en die tonen slechts enkele aanbiedingen per dag. Die moeten dan ook maar net bij je passen.

Creatieve mensen spelen eerder vals  (index...)
Is er een verband tussen creativiteit en oneerlijkheid? Onderzoekers van Harvard University en Duke University onderzochten of creatieve mensen eerder oneerlijk gedrag zouden vertonen in situaties waarin ze dit kunnen rechtvaardigen. Wat bleek: creatieve mensen spelen vaker vals omdat ze dankzij hun talent hun acties beter kunnen rationaliseren. De onderzoekers voerden vijf experimenten om tot deze conclusie te komen. Hieruit bleek meteen dat er geen verband is tussen intelligentie en oneerlijkheid. Wel wees het onderzoek erop dat mensen die creatief zijn of in een omgeving werken die creatief denken stimuleert, meer risico lopende fout in te gaan zodra ze te maken krijgen met ethische dilemma’s . De onderzoekers stellen overigens zelf dat er belangrijke beperkingen zijn aan hun eigen resultaten. Ten eerste hebben de onderzoekers alleen situaties onderzocht waarin geld de motivator was om vals te spelen. Er is bijvoorbeeld niet onderzocht wat de invloed van creativiteit  is op zelfbeheersingsdilemma's, zoals het wel of niet eten van een stuk taart terwijl iemand eigenlijk af wil vallen.

Bumperkleven grootste ergernis in het verkeer  (index...)
Bumperkleven komt dit jaar als grootste ergernis in het verkeer naar voren uit de nieuwe editie van Het Nationale Automobilisten Onderzoek van eileen.nl. Uit dit onderzoek onder Nederlandse automobilisten blijkt bijna de helft (48,9 %) van de automobilisten zich hier mateloos aan te ergeren. Via een internetpanel werden in december vorig jaar 516 automobilisten ondervraagd. Automobilisten konden in het onderzoek hun drie grootste ergernissen in het verkeer aangeven. ‘Bumperklevers’ komen dit jaar als grootste ergernis in het verkeer naar voren (48,9 %), gevolgd door ‘Agressief rijgedrag’ (46,0 %). ‘Agressief rijgedrag’ kwam vorig jaar nog naar voren als de nummer één ergernis bij automobilisten. ‘Rijden met alcohol en/of drugs op’ vult de derde positie in met 40,8 %. Opvallend in de jaarlijkse 'Top Tien ergernissen in het verkeer' is het wegvallen van 'files'. De 'files' namen vorig jaar nog een vijfde plaats in. 'Drempels' zijn dit jaar nieuw in de Top Tien. 
Top Tien ergernissen in het verkeer 2012:
1. Bumperklevers
2. Agressief Rijden
3. Rijden met alcohol en/of drugs op
4. Geen richting aangeven
5. Onnodig links rijden
6. Te hard rijden binnen de bebouwde kom
7. Op het laatste moment ritsen
8. Rechts inhalen
9. Zondagsrijders
10. Drempels

Nieuwe werken bevalt goed: betere concentratie en werk-privébalans  (index...)
Thuiswerken wordt door hoogopgeleide werknemers gewaardeerd. Uit onderzoek van Intermediair blijkt, dat thuiswerkers zich thuis beter kunnen concentreren en dat de werk-privébalans verbetert. Hoogopgeleide werknemers die een deel van hun werk thuis verrichten, zijn daar in grote meerderheid bijzonder positief over. 77% van hen kan zich thuis (veel) beter concentreren, slechts 16% laat zich thuis wel eens afleiden door privézaken. Bijna vier op de vijf vindt bovendien de werk-privébalans duidelijk verbeterd (geen gedoe over kinderen uit school halen). Dit blijkt uit onderzoek van Intermediair samen met bureau SatisAction onder een kleine elfduizend hoogopgeleide medewerkers van zeventig (middel)grote Nederlandse bedrijven en organisaties. Bijna vijfduizend van hen blijken hun werk deels thuis te doen. "Dat die groep daar zo ontzettend positief over is, had ik eigenlijk niet verwacht", zegt onderzoeksleider van SatisAction, tevens hoofd van het Career Center van de Universiteit van Tilburg. Hoogopgeleide werknemers van IT- en consultancybedrijven zijn het positiefst over het nieuwe werken. Zij rapporteren dat hun bazen flexibel (thuis)werken actief stimuleren.
Van alle onderzochte organisaties zijn:
  • medewerkers van IT-bedrijf Macaw het meest positief over de thuiswerkcultuur bij hun bedrijf;
  • daarna volgt adviesbureau AT Osborne;
  • derde staat de Caesar Groep (it).
Medewerkers van commerciële bedrijven zijn doorgaans positiever over de thuiswerkmogelijkheden dan hoogopgeleiden bij de (semi-)overheid. Met name gemeenteambtenaren klagen dat thuiswerken niet voldoende geaccepteerd is.
In de non-profitsector kan soms eindeloos worden nagedacht en vergaderd of medewerkers wel of niet een laptop krijgen. De optimistische uitkomsten van het Intermediair-onderzoek stroken met recente onderzoeken naar het nieuwe werken, onder meer bij KPN, meldt een hoogleraar strategisch human resource management aan de Universiteit Utrecht. Meer regie over de eigen werktijd indeling is volgens hem de belangrijkste reden voor de positieve waardering. Ook werkgevers zien voordelen: ze hebben minder kantoorruimte nodig en thuiswerkende werknemers blijken gemiddeld productiever zijn. Dat laatste komt deels doordat thuiswerkers vaak meer uren gaan maken. 52% van de deelnemers aan het Intermediair-onderzoek meldt meer over te werken sinds ze aan het nieuwe werken doen. Dat is tevens een gevaar dat bedrijven onderschatten, sommige werknemers houden sinds het nieuwe werken zeven dagen per week 24 uur hun Blackberry in de gaten. Dat levert stress op en op termijn mogelijk burn-out.

Vrouw loopt om klokslag vijf uur het kantoor uit  (index...)
Mannen werken veel vaker over dan vrouwen, meldt het CBS. Logisch, zo lijkt het, want vrouwen hebben weer meer zorgtaken.Slechts 29 procent van de vrouwen met een deeltijdbaan werkt regelmatig over, tegenover 44 procent van de mannen. Vrouwen die wel overwerken, doen dat ook minder dan mannen: 4,5 uur per week gemiddeld, tegenover zeven uur bij de mannen. Waarom dat zo is, vermeldt het CBS niet. Uit onderzoek van verschillen in de loopbaanontwikkeling tussen mannen en vrouwen blijkt dat zorgtaken minder flexibel maken. Je moet om vijf uur weg, omdat je de kinderen moet ophalen. Het rooster is vol. Geen tijd voor overwerk. Helaas, de CBS-cijfers lenen zich dus slecht voor een lekker potje jij-bakken. Wie heeft het zwaarder? Hij, die onder tl-licht zijn magnetronkliekje oplepelt, met op het beeldscherm de nog niet verwerkte jaarcijfers? Of zij die met de Blackberry in de ene hand, boodschappentas in de andere, moet zien te voorkomen dat haar zojuist van de crèche gehaalde spruit zonder op te letten de straat oversteekt? Lood om oud ijzer.
Toch zijn het geen niks-aan-de-hand-statistieken van het CBS. Wie de cijfers van de laatste tien jaar erbij pakt, ziet dat er minder is overgewerkt. Een ontwikkeling die ruwweg gelijke pas houdt met de economische crisis. In de groei-jaren ervoor maakten werknemers juist meer extra uren.

Klanten beïnvloeden bonus steeds vaker  (index...)
Steeds meer organisaties nemen de resultaten uit klanttevredenheidsonderzoek op in de interne beoordelingsstructuur. Zo worden volgens heet onderzoek door Effectory bonussen bijvoorbeeld steeds vaker afhankelijk gesteld van de tevredenheid van klanten en niet louter meer gekoppeld aan behaalde targets en korte termijn (verkoop)resultaten. Er ontstaat op deze manier een nauwere relatie tussen prestatiebeoordelingen en strategische organisatiedoelen. Het opnemen van klanttevredenheid als een 'leading indicator' in het bonussysteem helpt managers sturen op de kwaliteit van dienstverlening op de langere termijn. Deze ontwikkeling geeft aan dat organisaties meer belang hechten aan duurzame klantrelaties. Een klanttevredenheidsonderzoek is geen doel meer, maar een middel. Organisaties die continu de feedback van hun klanten monitoren, investeren in het behoud van hun huidige klantenbestand en vergroten de kans dat tevreden klanten aanbevelingen doen bij potentiële klanten. Zeker in economisch mindere tijden wordt het binnenhalen van nieuwe klanten moeilijker en wordt het dichthouden van de achterdeur belangrijker.
Een klantenonderzoek geeft organisaties inzicht in de tevredenheid en loyaliteit van klanten per commerciële medewerker. Er kan angst ontstaan voor slechte beoordelingen en voor het onderzoek op zichzelf als organisaties de scores in klanttevredenheid gebruiken om variabele beloningen vast te stellen. Het kan er zelfs toe leiden dat cijfers worden beïnvloed door vooraf gemaakte afspraken tussen de beoordelaar en beoordeelde. Dit is natuurlijk niet de bedoeling. Een externe, professionele partij is hiervoor de oplossing.

Raad van Commissarissen bij niet-genoteerde onderneming: 'Onbekend maakt onbemind'  (index...)
Een meerderheid van de Nederlandse niet-beursgenoteerde middelgrote en grote ondernemingen ziet geen heil in het instellen van toezichtsorgaan zoals een Raad van Commissarissen. Dat blijkt uit een onderzoeksrapport van BDO. Volgens de accountants- en adviesorganisatie is er juist veel ruimte voor vruchtbare samenwerking tussen bestuurders en de RvC.
Bijna de helft (44 procent) van de ondervraagde ondernemingen zonder RvC heeft nooit overwogen een RvC aan te stellen en nog eens 28 procent van de ondernemingen verwacht onvoldoende toegevoegde waarde van een RvC. Bijna 70 procent van de respondenten verwacht of ervaart dat de RvC risicomijdend gedrag binnen de onderneming bevordert, terwijl bijna de helft van de respondenten denkt dat de RvC geen of een zeer beperkte positieve invloed heeft op de kwaliteit van de bedrijfsvoering. Opvallend zegt BDO. "Het lijkt erop dat onbekend onbemind maakt. Het onderzoek toont aan dat ondernemingen die wel een RvC hebben ingesteld de toegevoegde waarde wel inzien. BDO denkt dat die waarde er ook daadwerkelijk is, want een goed samenspel tussen bestuurders en commissarissen kan wel degelijk een stimulerende werking hebben op de ontwikkeling van de onderneming, aldus één van de onderzoekers en manager Audit & Assurance bij BDO in Rotterdam. De rol van de Raad van Commissarissen (RvC) ligt onder de loep. BDO heeft dit aangegrepen om een onderzoek uit te voeren naar de visie van de bestuurders van (middel)grote niet-beursgenoteerde ondernemingen. Wat is de reden geweest voor het (niet) aanstellen van een RvC? Hoe ervaren zij de samenwerking met een RvC? Welke rollen van de RvC achten zij het meest wenselijk? De onderzoeksenquête is door 271 bestuurders van (middel)grote ondernemingen ingevuld. De resultaten uit deze enquêtes zijn afgezet tegen de resultaten uit aanvullende diepte-interviews met enkele respondenten.

Gemeente managers zijn moderne leiders  (index...)
Gemeente managers passen moderne leiderschapsstijlen toe, zo blijkt uit onderzoek van Berenschot. Leidinggevenden van 97% van de onderzochte gemeenten hanteren samenwerkend en delegerend leiderschap. Dienend leiderschap wordt al door 3% van de gemeenten toegepast. De klassieke hiërarchische stijl van leiding geven, het sturend leiderschap, blijkt hiermee in zijn geheel van het toneel te zijn verdwenen. De moderne leiderschapsstijl kenmerkt zich door relatief grote zelfredzaamheid van de werknemer. Hij is bekwaam genoeg om zijn taak uit te voeren. Hoe moderner de leiderschapsstijl, hoe meer vrijheid en zelfstandigheid de medewerker krijgt in het vervullen van zijn werkzaamheden. Waar bij samenwerkend leiderschap de leidinggevende vooral gericht is op het delen van verantwoordelijkheid en samen bepalen hoe taken worden uitgevoerd, vraagt delegerend leiderschap de leider om meer op afstand te staan. Hij schept enkel de randvoorwaarden waarbinnen de medewerker op eigen kracht kan functioneren. Dienend leiderschap gaat een stap verder. Dienstbaarheid aan medewerkers, klant en gemeenschap staat voor hem centraal. De leider houdt zich op de achtergrond en stimuleert zijn medewerkers alleen daar waar nodig, om het beste uit zichzelf te halen en de gemeenschap te dienen. Bij drie procent van de onderzochte gemeenten wordt inmiddels op deze wijze gestuurd. Deze vorm van leiderschap past bij het nieuwe werken. Medewerkers zijn niet meer fysiek aan de locatie van de werkgever gebonden. Hierdoor kan de manager niet meer direct sturen op alle relevante randvoorwaarden. Hij helpt zijn medewerker wanneer deze aangeeft daaraan behoefte te hebben en biedt hem zo de mogelijkheid te groeien. Men verwacht dat deze ontwikkeling de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening ten goede komt: Deze leiderschapsstijl past bij uitstek bij een dienende gemeente, een gemeente waar de medewerkers uitblinken door een dienstbare opstelling. Gezamenlijk met de burgers zorgen zij voor een gemeenschap waar het goed wonen, werken en ondernemen is. Toch is hiermee niet gezegd dat ook bij de gemeenten die reeds met dienend leiderschap werken, de transformatie naar de nieuwe leiderschapsstijl al volledig heeft plaatsgevonden. Vaardigheden als authenticiteit en outside in-denken, blijken al tot ontwikkeling te komen. Andere kenmerken van dienend leiderschap zijn echter nog amper daar. Denk dan aan nederigheid, interpersoonlijke acceptatie en het ontwikkelen van medewerkers.

Strategie is in ongenade gevallen  (index...)
Hoewel een strategie belangrijker dan ooit is, lijkt deze bij veel bedrijven in ongenade gevallen. Er zijn te weinig bedrijven die contra cyclisch denken, stelt een hoogleraar strategisch management en ondernemingsbeleid aan de Rotterdamse Erasmus Universiteit. Steeds meer bedrijven vertonen kuddegedrag; het volgen van een eigen strategie geraakt meer en meer naar de achtergrond.
Uit onderzoek van de hoogleraar blijkt dat de planning horizon van Nederlandse bedrijven de afgelopen decennia steeds korter is geworden. Managers richten zich meer en meer op de korte termijn doordat de dynamiek in de omgeving zo is toegenomen. Dat is volgens het onderzoek juist een reden om een strategie te hebben. Een strategie mag echter niet rigide zijn, maar moet eerder 'gepland flexibel' zijn. Bedrijven denken nu te veel economisch en zouden meer interdisciplinair moeten denken.

Managers liggen niet wakker van security  (index...)
De beveiliging van privé-apparaten op de werkvloer bezorgt weinig Nederlandse werkgevers kopzorgen. In vergelijking met andere landen zijn Nederlandse bedrijven het minst bezorgd over het toelaten van bedrijfsinformatie op privé-apparaten: achttien procent is hier totaal niet bezorgd over, tegenover een gemiddelde van elf procent internationaal. Dat is met name opmerkelijk omdat Bring Your Own Device in Nederland een grotere groei zal doormaken dan in andere landen. Dat blijkt uit het onderzoek Security Index van Vanson Bourne in opdracht van Citrix Systems.
De Nederlandse ondervraagden verwachten dat over 24 maanden bijna zes op de tien werknemers (59 procent) een privé-apparaat gebruikt voor het werk. Daarmee loopt Nederland voorop in de elf onderzochte landen. Desondanks liggen managers niet wakker van de security-eisen die dit met zich meebrengt. Iets meer dan de helft van de ondervraagden verwacht dat desktopvirtualisatie een belangrijke rol kan spelen in het beveiligen van privé-apparaten: 53 procent geeft aan dat het veilig leveren van gegevens aan mobiele apparaten een belangrijk voordeel is van deze technologie. De relatieve onbezorgdheid van Nederlandse bedrijven zorgt er ook voor dat ze weinig aanvullende beveiligings-oplossingen inzetten om desktopvirtualisatie aan te vullen. Of het nu gaat om data loss prevention, authenticatie, antivirus of firewalls: Nederlandse respondenten zijn hier minder mee bezig dan hun internationale collega’s. "Nu desktopvirtualisatie volwassen is geworden wordt het steeds meer beschouwd als een strategische investering en een fundamenteel onderdeel van de IT-infrastructuur van elke organisatie. Nederlandse organisaties zijn zich duidelijk bewust van de voordelen die de technologie met zich meebrengt; verbeterde beveiliging vormt in de meeste gevallen de belangrijkste reden om desktopvirtualisatie in te zetten," aldus Rob van der Hoeven, Area Vice President, Citrix Benelux. Het onderzoek vond plaats onder 1.100 respondenten in elf landen: Engeland, Frankrijk, Duitsland, Nederland, VS, Canada, Brazilië, Australië, China, Japan en India.

Excuses doen de reputatie niet altijd goed  (index...)
Excuses stuiten vaker op weerzin dan waardering. Dit blijkt uit onderzoek van de Reputatiegroep. Het bureau onderzoekt jaarlijks de verontschuldigingen die opvallende aandacht kregen in de Nederlandse pers. Uit de sorry-lijst 2011 blijkt dat niet meer dan één op de vijf verontschuldigingen positief werd ontvangen.
De door de Reputatiegroep geselecteerde 25 excuses zijn geselecteerd op basis van de aandacht via de grote nieuwsdiensten, radio en televisie, de landelijke dag- en weekbladen, vakpers en social media. De excuses zijn gerangschikt op basis van de hoeveelheid aandacht (aandacht beoordeeld in kwantitatieve termen) en de waardering (gemeten op basis van kwalitatieve beoordeling: positief, neutraal of negatief/kritisch).
Van alle geselecteerde excuses werd 60% negatief ontvangen door de media, twintig % positief en twintig procent overwegend neutraal. Blijkbaar worden excuses steeds kritischer ontvangen. De negatieve voorbeelden trekken de aandacht omdat de woorden in strijd zijn met het gedrag van de afzender. De positieve voorbeelden springen eruit, omdat het gedrag van de afzender in lijn is met de verontschuldiging en aansluit bij de verwachtingen die het publiek heeft van de afzender. 
De excuses van de Nederlandse staat aan de slachtoffers van Rawagede werden relatief het hoogst gewaardeerd. De spijtbetuiging over de onderzoeksfraude door Diederik Stapel kreeg de meeste kritiek. Excuses worden vaak negatief gewaardeerd. Het is verstandig om terughoudend met spijtbetuigingen om te gaan: reputaties worden eerder geschaad dan versterkt door het aanbieden van excuses. Daden zeggen meer dan woorden. Excuses zijn nieuws. Zo ontstond in september grote media-aandacht naar aanleiding van de excuses van Diederik Stapel, naar aanleiding van onderzoeksfraude aan de Universiteit van Tilburg. Stapel zei dat de druk om te scoren en te publiceren hem te veel is geworden. Bij zijn spijtbetuiging meldde hij dat hij psychische hulp zoekt. Zowel de reacties van het publiek via social media als de beoordeling door de Nederlandse journalistiek waren uitgesproken negatief. Stapel krijgt veel kritiek, omdat zijn handelen de reputatie van de wetenschap aantoonbaar heeft geschaad. Onderzoeksfraude werd hierdoor een groot nieuwsitem. Positief was de aandacht voor de spijtbetuiging van de Nederlandse staat aan de slachtoffers van de wandaden van Nederlandse militairen in Rawagede, op 9 december 1947. Daarbij vielen minimaal 150 doden. Diverse media zagen het als uniek dat de Staat officieel spijt betuigde voor de wandaden uit het verleden, 64 jaar na dato. Voor de Nederlandse rol in de slavernij en het drama in Srebrenica zijn bijvoorbeeld nooit excuses gemaakt. In de media wordt dan ook positief gereageerd op deze spijtbetuiging. 'Sorry' is in Nederland gebruikelijk om spijt te betuigen als er iets fout is gegaan. In de publieke opinie worden excuses gezien als een logische stap om het vertrouwen te herstellen. De knieval is een beproefd instrument om een gedeukte reputatie te herstellen. Maar uit de sorry-lijst 2011 blijkt dat het maken van excuses vaak niet voldoende is om de reputatie van de afzender te herstellen. Een spijtbetuiging wordt alleen als oprecht ervaren, als de daad bij het woord wordt gevoegd.
Verontschuldigingen zijn dus niet altijd effectief in het herstellen van de relatie tussen de veroorzaker van de fout en een gedupeerde. Het lijkt of de waarde van excuses vaker wordt overschat. Uit de sorry-lijst 2011 blijkt dat de waardering van de excuses in het merendeel van de gevallen negatief is. Desalniettemin kan een spijtbetuiging wel effectief zijn om reputatieschade te beperken of te verminderen. De acceptatie van excuses is afhankelijk van zes factoren: de aanleiding waarvoor het excuus wordt gemaakt, de relevantie voor de ontvanger, het verwachtingspatroon van de ontvanger, de timing, de reputatie van de afzender en de congruentie met het gedrag van de afzender.
De groeiende populariteit van de openbare knieval wordt verklaard door de toenemende roep om transparantie vanuit de samenleving. De snelle ontwikkeling van social media, toenemende aansprakelijkheid en de opkomst van de “afreken cultuur” draagt bij aan de roep om openheid. Informatie is vrijwel voor iedereen direct beschikbaar en daardoor zullen organisaties en personen met een publieke functie direct inzicht moeten geven in de wijze waarop zij werken.

Mismatch in leiderschap kost handenvol geld   (index...)
Het type leider en de strategische opgave van Nederlandse organisaties komen tegenwoordig niet meer vanzelfsprekend overeen. Door deze 'mismatch' komen bedrijfsresultaten en economische groei onnodig onder druk te staan. Dit maakt de vraag om nieuw leiderschap niet alleen actueel, maar ook erg noodzakelijk, dat concluderen de organisatieadviseurs Ineke Strijp en Freek Peters in het boek 'Leiderschap in evenwicht'. 
"Leiders moeten beter naar de eigen houdbaarheidsdatum kijken," licht de organisatieadviseur en auteur van het boek toe. Managers, directieleden en bestuurders dienen eerst te reflecteren op hun eigen functioneren in relatie tot de strategische doelstellingen. Pas daarna kunnen ze zinvol dat van het team en van de gehele organisatie analyseren. Belangrijk hierbij is dat ook organisaties zelf effectief leren te toetsen in hoeverre het huidige leiderschap in de eigen organisatie past. Effectief leiderschap wordt steeds meer contextueel bepaald, door factoren buiten de grenzen van de organisatie zelf. Zo was de benoeming van de opvolger van Nout Wellink, Klaas Knot, opmerkelijk te noemen. In 2010 constateerde een onderzoekscommissie uit de Tweede Kamer een opvallend tekort aan kritische zelfreflectie in de bankensector. Als gevolg hiervan koos het kabinet expliciet voor de relatief jonge outsider die een cultuuromslag teweeg moet kunnen brengen. 
Volgens de organisatieadviseurs zien ze ook dat leiders er tegenwoordig niet alleen voor staan. Leiderschap komt meer in handen van leading coalitions in plaats van eenpersoons ('hero') managers. Met het boek bieden de auteurs het raamwerk voor evenwichtig leiderschap: de terminologie om de strategische opgave te analyseren, om daarna te kunnen concluderen over de meest effectieve stijl van leiderschap. Dit raamwerk is gebaseerd op een universitair promotieonderzoek naar de effectiviteit van leiderschap in de huidige tijd. Na de kredietcrisis van 2009 kregen de drie grootste Nederlandse banken (ABN AMRO, ING en Rabobank) nieuwe bestuursvoorzitters. Opvallend was dat geen van hen een echte bankier was, maar eerder een nieuw moreel leiderschap vertegenwoordigde. Zocht men in de jaren voor de crisis voor bestuur en topmanagement vooral snelle dealmakers, nu kijkt men eerder naar bescheidenere types die nuchterheid en soliditeit hoog in het vaandel hebben staan. Dat geldt zeker niet alleen voor de bankensector of het bedrijfsleven. Ook in de publieke sector lijkt een nieuwe type leiderschap noodzakelijk te zijn, een type met realisme, verantwoordelijkheidsgevoel en een hanteerbaar ego, dit in tegenstelling tot de soms megalomane hemelbestormers die veel schade in de publieke instellingen hebben aangericht.

Zakenreiziger kiest vaker voor Bed & Breakfast  (index...)
Steeds meer zakenreizigers kiezen voor een Bed & Breakfast in plaats van een hotel. Circa een kwart van de gasten die de Nederlandse B&B’s ontvangen, overnachten er in verband met hun werk. De belangrijkste reden voor de populariteit van B&B’s onder professionals is dat de faciliteiten in een Bed & Breakfast tegenwoordig niet meer onderdoen voor die in een hotel, bovendien is internet meestal gratis. Dit blijkt uit een recent onderzoek door Bed & Breakfast Europe onder 725 Nederlandse B&B-accommodaties met een vermelding op bedandbreakfast.eu.
Diverse Nederlandse Bed & Breakfast organisaties spelen in op deze trend, door zich specifiek te richten op de zakelijke bezoeker. Ze bieden volledig uitgeruste vergaderruimtes voor grotere gezelschappen en gastenkamers op het niveau van een hotel.

(c) 19 februari 2020 Vos Interim